Gezamenlijke Brandweer uitgerust met een AED

Bij een hartstilstand telt elke minuut, daarom heeft het Algemeen Bestuur van de Regionale Hulpverleningsdienst Rotterdam-Rijnmond besloten de brandweer hierbij in te zetten.

Op dit moment zijn al de brandweerwagens van de Gezamenlijke Brandweer uitgerust met een Automatische Externe Defibrillator (AED).

Zij zullen samen met twee ambulances mee worden gealarmeerd. Regionale Brandweer Rotterdam-Rijnmond heeft daarover met AmbulanceZorg Rotterdam-Rijnmond (AZRR) en de Gemeenschappelijke Meldkamer (GMK) werkafspraken gemaakt.

Zodra een melding van een vermoedelijke hartstilstand bij de GMK binnenkomt, wordt de brandweer gelijktijdig met de ambulances gealarmeerd. De GMK beslist of en wanneer de brandweereenheid als AED-responder wordt ingezet aan de hand van de Landelijke Standaard Meldkamer Ambulancezorg. Veelal zal de brandweer als eerste arriveren en de eventuele reanimatie overnemen van de al aanwezige personen. Zodra de ambulanceverpleegkundige ter plaatse komt, gaat de primaire verantwoordelijkheid voor de zorgverlening over naar deze persoon. Deze ambulanceverpleegkundige bepaalt welk personeel en materiaal verder voor de zorgverlening noodzakelijk is. De brandweer verricht desgewenst op aangeven van de ambulanceverpleegkundige ondersteunende werkzaamheden.

Bovenstaande situatie geldt als er ter plekke geen huisarts aanwezig is. Is een huisarts echter wel aanwezig bij aankomst van de brandweer, dan ligt de verantwoordelijkheid en dus de beslissingsbevoegdheid van de hulpverlening bij deze huisarts. In onderling overleg worden de meest adequate handelingen verricht door of in opdracht van de huisarts. De brandweer verricht, in afwachting van de ambulance, desgewenst en gevraagd door de huisarts ondersteunende taken bij de reanimatie.

Alle brandweereenheden hebben de opleiding Basic Life Support gevolgd. Daarnaast hebben de eenheden van de 1e lijnsuitrukvoertuigen (de zogenaamde tankautospuit) die als AED-responder kunnen worden ingezet een aanvullende AED-training gehad van AZRR. Hiermee zijn zij bevoegd en bekwaam om te reanimeren. Toetsing van deze bevoegd- en bekwaamheden vindt plaats door de Medisch Manager Ambulancezorg van de ambulancedienst.



< terug