Skip to main content

Industriële Brandbestrijding (IBP)

​​​​Op dit moment wordt de tekst van dit specialisme herzien. Actuele informatie volgt binnenkort.​

​Wat is IBP?​​

Op 12 september 2006 werd de Industriële Brandbestrijdingspool (IBP) in gebruik genomen. Met deze pool kwam een eind aan de jarenlange discussie tussen overheid en bedrijfsleven over de hoeveelheid schuimvormend middel en de beschikbare capaciteit van de bluswatersystemen bij bedrijven. Door deelname aan de pool kunnen bedrijven hun schuimvoorraden reduceren en tegelijk voldoen aan hun vergunning. Op dit moment zijn 19 bedrijven lid van de IBP.​

De kosten voor dit specialisme bedroegen ruim twee en een half miljoen euro, maar het resultaat mocht er zijn. Twee enorme blusunits genereren samen 75.000 liter water met schuimvormend middel per minuut. Hiermee kan een straal op een afstand van 115 meter in een brandende tank van maximaal 22 meter hoogte worden gespoten. IBP wordt ingezet bij tankbranden boven een diameter van 45 meter en is tot een diameter van 89 meter volwaardig inzetbaar. De opbouw duurt vier uur, maar weegt niet op tegen het alternatief van vroeger: dagenlang laten uitbranden van een tankbrand.

Een bijna vanzelfsprekende samenwerking

Samen met vertegenwoordigers van de regionale brandweer, Deltalinqs, DCMR en het Havenbedrijf, spande de Gezamenlijke Brandweer zich stevig in voor dit mega-project. De samenwerking kwam bijna vanzelfsprekend tot stand. Het Havenbedrijf speelde al een rol in de bron- en effectbestrijding bij industriële branden en beschikte over vaartuigen met een grote capaciteit voor water- en schuimlevering. Voor de vergunningverlening was clustering van capaciteit en toezicht op vervanging gewenst. Zoals vaak in dit gebied, hadden alle partijen een gezamenlijk belang bij het eindresultaat. IBP zou veel geld kosten en de partijen waren afzonderlijk te klein om structureel in de industriële brandbestrijding te investeren.​

De industrie zag het belang van de ontwikkeling en op basis van hun commitment werd het idee verder uitgewerkt tot een vooruitstrevende oplossing. De pool bespaart de bedrijven aanzienlijke kosten en waarborgt het publieke belang van veiligheid en milieu nog beter dan voorheen.​

Aan de leverancier is de creativiteit gelaten om een passend systeem te ontwikkelen bij de specificaties die de werkgroep aan het benodigde materieel voor industriële brandbestrijding heeft meegegeven. Het resultaat is een functioneel uniek en praktisch bruikbaar systeem.

Het unieke gebied van de Gezamenlijke Brandweer vraagt om unieke antwoorden en oplossingen. Vroeger stonden op alle bedrijfsterreinen losse vaatjes schuim waar bij een serieuze tankbrand weinig mee kon worden uitgericht. Nu worden de voorraden goed beheerd. Binnen vier uur na een alarmering kan IBP beginnen met de blussing. Nergens ter wereld is een systeem van deze omvang zo mobiel. Tot een aantal jaar geleden dacht men dat het blussen van een tankbrand technisch niet mogelijk was. Het gevaarlijke van tankbranden is dat het schuim er direct afbrandt als je er te weinig opspuit. Naar aanleiding van ervaringen in Amerika heeft Rotterdam hier de oplossing bij gevonden.​

Organisatorische inbedding

​Vanuit de oprichtingsfase van het IBP lag de eindverantwoordelijkheid oorspronkelijk bij de Stuurgroep IBP welke op haar beurt de werkgroep IBP aanstuurde. Met ingang van 4 oktober 2011 is de Commissie IBP, afgekort CIBP, belast met de dagelijkse aansturing van de IBP. Op haar beurt legt de commissie IBP twee maal per jaar verantwoording af aan de leden van de IBP.  In het IBP zijn op dit moment 18 aangesloten bedrijven vertegenwoordigd. De taken en verantwoordelijkheden van de CIBP zijn vastgesteld in een instellingsbesluit door de ledenvergadering.

De samenstelling van de CIBP is als volgt:

Kees Bevaart (MOT) is voorzitter van de commissie. Jan Metselaar (Vopak) , Gerrit de Heer (Shell) en John de Ruijter (BP) zijn de commissie leden en vertegenwoordigen de bij de IBP aangesloten bedrijven. Vanuit de Gezamenlijke Brandweer is Guido van den Broek Humphrey adviseur en vertegenwoordiger. Vanuit het Havenbedrijf is Roland Schuring lid van de CIBP en hij vervult daarmee ook de functie van voorzitter Technical Committee.

​Jeroen Konijnenberg vervult de functie van secretaris. De commissie is bereikbaar via de secretaris via telefoonnummer 088 5110011 en email: cibp@gez-brandweer.nl.

In 2013 zijn nieuwe voorschriften opgesteld welke zijn opgenomen in het DCMR standaard voorschriftenboek.

Activiteiten van de CIBP

​Zoals gezegd verzorgt de CIPB de dagelijkse aansturing van de IBP en legt zij verantwoording af aan de leden. Dit betreft de steeds terugkomende agendapunten: operationele aangelegenheden IBP, financiële situatie, en lopende projecten. Onder de operationele aangelegenheden worden de preparatieve zaken, oefeningen en onderhoudsaspecten behandeld. De lopende projecten worden uitgevoerd door werkgroepen welke door de CIPB worden aangestuurd. Op dit moment is dat er één, namelijk de Technical Committee welke de CIBP adviseert op het gebied van technische aspecten met betrekking tot het IBP, zoals innovaties aan het materieel.

​Van tankbrand naar tankputbrand

​Na de succesvolle oplevering van IBP voor tankbranden, heeft de stuurgroep de opdracht verstrekt om uitbreiding en aanpak van een scenario met een tankputbrand te onderzoeken. De werkgroep Tankputbranden heeft deze opdracht uitgevoerd.

Een tankput is weliswaar lager dan een tank, maar het te blussen oppervlak is veel groter. Er moet dus meer schuim worden opgebracht. Een tankputbrand wordt gekenmerkt door een intensieve warmtestraling op straatniveau. De manschappen kunnen een brandende tankput door de hitte beperkt  benaderen. Bovendien zijn de monitoren van het IBP te grof om in een tankput toe te passen. Er is een methode ontwikkeld om de blussing van een tankputbrand volgens een estafettesysteem uit te voeren waarbij het oppervlakte van de tankput wordt verdeeld in denkbeeldige sectoren van maximaal 1500 vierkante meter elk.

In het voorjaar van 2013 is de verwerving van het nieuwe materiaal afgerond en kwam de capaciteit voor tanputbrandbestrijding operationeel. Op 24 oktober 2013 vond de operationele oplevering plaats. Het nieuwe materiaal bestaat uit extra slangen, armaturen en grootvermogen monitoren en twee haakarmbakken voor opslag en transport. In het rapport “Tankputbranden" is de systematiek en de uitgangspunten beschreven.​​